Vaccineren

WAAROM VACCINEREN?

Onze dieren nemen een belangrijke plaats in in ons leven. We willen ze dan ook zo goed mogelijk beschermen tegen ziektes. Voor verschillende besmettelijke ziektes kunnen we een bescherming geven door vaccinatie.
Bovendien komen door het regelmatig vaccineren of inenten van onze dieren, bepaalde ziektekiemen steeds minder voor. Hierdoor is de kans om deze ziektes te krijgen ook al sterk verminderd.

HOE WERKT EEN VACCIN?

Normaal zal een gezond dier als het besmet wordt met een ziekte hiertegen antistoffen aanmaken. Als dit dier deze ziekte overleeft en genezen is, zullen deze antistoffen nog een tijd in het lichaam blijven om bij een volgende besmetting deze ziekte tegen te gaan.
Bij een vaccinatie wordt dat deel van de ziekteverwekker dat de weerstand oproept ingespoten zonder het deel waarvan uw dier ziek wordt. Zo zal het dier antistoffen aanmaken zonder eerst ziek te zijn. De volgende keer dat uw dier in contact komt met deze ziekteverwekker, zal hij/zij hiertegen beschermd zijn.
Deze antistoffen blijven slechts voor een zekere tijd in uw dier aanwezig. Daarom moeten deze vaccinaties op geregelde tijden worden herhaald.

WANNEER VACCINEREN?

Jonge dieren krijgen via de moedermelk afweerstoffen mee. Deze bieden een tijdelijke bescherming die snel daalt als de dieren ouder worden. Daarom wordt gestart met vaccineren als de jonge dieren bij hun moeder weggaan. Bij dieren die nooit gevaccineerd werden, kan altijd gestart worden met inenten.
Na de eerste inspuiting wordt meestal na enkele weken een herhaling gegeven en daarna jaarlijks, maar dit is per ziekte en per dier anders. Uw dierenarts geeft hierover voldoende uitleg. 

Comments